Een daverend applaus klinkt door de zaal en je stapt het podium op. Je verwelkomt het publiek met een diepe buiging en je maakt je klaar voor de start. Nog even iets bij stemmen, voeten stevig op de grond, juiste bladmuziek voor je, een diepe ademhaling en dan wordt het stil … heel stil …

Dat moment dat je je hart hoort kloppen, de spanning voelbaar is in al je vezels is ENG … doodeng, zenuwslopend zelfs maar ook prachtig en magisch tegelijk. Dát moment waarop die doodse stilte valt voordat de eerste toon klinkt is hét moment om bij jezelf te komen. Je keert je naar binnen en van daaruit maak je verbinding met het publiek die in spanning afwacht en met je meevoelt. Juist in dat moment ligt zoveel kracht.
Het is bepalend voor het verloop van het concert.

Het nodigt uit tot luisteren. Écht luisteren. Alle ruis valt weg en de pure essentie blijft over namelijk de muziek zelf!

Als je je bewust wordt van de kracht van de stilte zul je het vaker inzetten om inspiratie uit te halen en de focus scherp te houden.

Zonder deze stiltes is er geen ruimte. Niet voor jezelf en ook niet voor het publiek. Ruimte om bijvoorbeeld te ademen, om klanken te verwerken, om de muziek te laten bezinken. De beleving wordt daarmee ook heel anders.

Mozart zei niet voor niets: “The music is not in the notes, but in the silence in between.”

Neem je publiek mee op die magische reis tussen klanken en stilte. Het heeft een verhaal in zich dat voor ieder persoon in de zaal verschillend kan zijn en nog lang kan blijven naklinken. Daarover zei een concertpianist eens: “De stilte na het concert was het grootste applaus dat ik ooit heb gekregen.”